Regels

 

Regels
Reflectie met Arjo Klamer, wethouder in de gemeente Hilversum. Hoogleraar in de Economie van Kunst en Cultuur aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Tekst door Arjo Klamer.

De regenten hebben momenteel de macht. Zij zijn de bestuurders en de managers van nu. Zij bepalen hoe alles loopt, wat mag en vooral wat niet mag. Wat gewoon is en wat ongewoon. Zij regelen wat er in bedrijven gebeurt, en zij bepalen wat de overheid doet. Zij beheersen de wereld van de wetenschap en die van de zorg. 

Over die laatste wereld wil ik het hebben. Ik heb op zich
niets tegen de regenten. Goed bestuur is belangrijk en goede bestuurders zijn onontbeerlijk. Ze moeten alleen niet te veel macht hebben, en dat hebben ze nu wel. Er zijn nu te veel bestuurders (ook wel managers genoemd), die te veel regels vaststellen en daarvoor te veel salaris krijgen.
Bestuurders in de zorg hebben onder meer ook de marktwerking in de zorg bedacht. Meer markt lijkt hun macht te onder- mijnen, maar zo pakt het niet uit. Ze hebben namelijk besloten de marktwerking te beperken tot de verzekeringen. De bedoeling is dat de verzekeringsbedrijven ons, normale zielen, als klant proberen binnen te halen met de beste voorwaarden en de beste premie, om vervolgens aan de achterdeur te gaan onderhandelen met de zorgleveranciers over hun prijzen. Het gevolg is dat nog meer bestuurders zich met de zorg kunnen bemoeien, dat de processen nog ingewikkelder zijn geworden en dat er nog meer toezicht nodig is. De keuzevrijheid die wij als ‘consumenten’ hebben gekregen, stelt ondertussen weinig voor.
Het inzetten van de markt door regenten heet overigens neoliberalisme. Liberalen willen dat de markt met rust wordt gelaten en spontaan haar gang mag gaan. Neoliberalen organiseren de markt, en doen dat met veel regels en toezicht. Want ze blijven denken als bestuurders, en niet als kooplui.
Het merkwaardige is dat bijna niemand de dominantie van de regenten goed vindt. Doctoren klagen steen en been over de overdaad aan regels. Fysiotherapeuten en psychotherapeuten worden gek van de administratieve rompslomp die nodig blijkt om betaald te krijgen voor hun behandelingen. Iedereen lijkt iedereen te wantrouwen. Ziekenhuizen zouden maar raak declareren. De verzekeringsbedrijven zetten de zorgleveranciers onder veel te zware druk, iedereen wordt opgejut om berekenend te zijn. Zelfs de regenten hebben kritiek op de regelzucht, tenminste als je ze persoonlijk aanspreekt. Aan de bestuurderstafel gaan ze net zo lekker voort.
 
Wat dit alles voor gevolgen heeft voor de kwaliteit van de zorg, weet niemand. En daar zou het toch om moeten gaan. Wat te doen?
 
Het systeem is zo ingewikkeld en zo omvangrijk, en er gaat
zo veel geld in om, dat het denken over hoe het anders kan gauw frustrerend werkt. Want wie ben ik om te zeggen dat de marktwerking ongepast is, dat doctoren en vooral bestuurders te veel verdienen, en verzorgers te weinig? Moet het hele systeem om? Hoe moet dat dan? Ik word al moe als ik daarover begin te denken.
 
Waarom niet dicht bij huis beginnen, en doen wat binnen handbereik is. Om te beginnen helpt het misschien als we het begrip gezondheidszorg terugvorderen van de regenten die het zich onterecht hebben toegeëigend. Wat zij gezondheidszorg noemen is feitelijk de behandeling van ziektes. Dat is wat doctoren en ziekenhuizen doen. We zoeken ze op wanneer we ziek zijn. Wanneer we oud zijn, hebben we verzorging nodig. Maar gezondheidszorg is eigenlijk wat het woord letterlijk zegt: zorgen voor onze gezondheid. Dat doen we door goed te eten en te slapen, rustig proberen te blijven, op ons gewicht te letten, niet te veel te drinken, bij voorkeur niet te roken en zoveel mogelijk te bewegen. 
Door zo over gezondheidszorg te denken, stellen we de vraag wat goede gezondheidszorg is eerst aan onszelf. Zou het niet een idee zijn om een dokter te beschouwen als iemand die ons kan helpen gezond te leven, zoals dokters in China doen? Zo nemen we zelf verantwoordelijkheid voor onze gezondheidszorg.
 
Die verantwoordelijkheid houdt in dat we leren zelf te overwegen wat we eventueel aan behandelingen nodig hebben. Stel je eens voor dat we ons bewust zijn van wat we een waardevol leven vinden, en beseffen dat we die vreselijk dure, levensrekkende behandelingen die ziekenhuizen ons willen aansmeren niet willen? Bijvoorbeeld omdat we ons daardoor alleen nog ellendiger gaan voelen? Als we dat bewustzijn zouden hebben, zou het probleem van de hoge kosten van ziektebehandelingen direct opgelost worden. Want de kosten van behandelingen beginnen pas echt in de papieren te lopen als we het einde van ons leven naderen. 
Hoe het ook dicht bij huis beter kan, laat de buurtzorg zien.
In deze organisaties nemen professionele verzorgers het initiatief. Ze omzeilen grote bureaucratische organisaties, en met behulp van goede websites slagen ze erin om veel betere hulp te bieden tegen veel lagere kosten. 
Een ander goed idee is het opzetten van verzorgingscoöperaties. Mensen in een woonplaats bundelen hun krachten en middelen, vormen een coöperatie, en laten die coöperatie de verzorging van de behoeftigen onder hen organiseren. Zo’n coöperatie kan werken met een puntensysteem. Leden die andere leden helpen met allerlei taken zoals boodschappen doen, kleine reparaties uitvoeren, schoonmaken, gezelschap houden en stervenden begeleiden kunnen punten verdienen die hen op hun beurt recht geven op allerlei steun. Op die manier kunnen mensen met weinig geld veel besparen.
 
En wat te denken van huisartsen die samen met bijvoorbeeld verpleegsters, fysiotherapeuten, een diëtist, een apotheker en een psycholoog een gezondheidscentrum in een wijk opzet- ten? De tandarts kan ook meedoen. En waarom de bibliotheek niet. Het centrum kan op die manier een trekpleister worden voor de hele buurt. Het zou er wel eens gezellig kunnen worden!
 
Dit zijn maar een paar van de ideeën die opkomen wanneer je de macht van het regenteske denken rechts laat liggen en je je gezondheidszorg tot je eigen verantwoordelijkheid maakt. Daar word je alleen maar beter van!